Wij waren tot voor kort voorstander van nieuwe kernenergie in Nederland. We kenden alle argumenten van de anti-kernenergie beweging, maar vonden toch dat de argumenten vóór zwaarder weegden in het licht van de klimaat-verandering bezien. Maar we zijn op een bepaald moment verder gaan zoeken en kwamen nieuwe argumenten tegen die er voor zorgden dat voor ons de balans de andere kant op ging slaan. Die argumenten vindt u op deze website. En toen we toch aan het onderzoeken waren geslagen, kwamen we er ook achter dat een aantal veelgebruikte pro-kernenergie-argumenten niet helemaal klopten. Ook dat is te lezen op deze website.
We zijn niet per se tegen bestaande kernenergie, hoewel ons is gebleken dat kernenergie steviger bijdraagt aan de opwarming van de aarde, dan door iedereen gedacht. We vinden dat de huidige operationele kerncentrales in gebruik moeten blijven tot einde levensduur of energie-transitie. Maar wij vinden bijvoorbeeld wél dat er geen nieuwe kerncentrales gebouwd moeten worden. Ook omdat investeerders/ondernemers altijd veel verborgen subsidie en garanties vragen én ontvangen. Dat belastinggeld kan veel beter aangewend worden om klimaatverandering op snellere en effectievere manieren tegen te gaan. Wij zijn ook van oordeel dat technologische ontwikkelingen in zon en wind én energie-opslag over 10 a 20 jaar (+/- bouwtijd nieuwe kerncentrale) zo ver zullen zijn dat de prijs van kernenergie zich letterlijk uit de markt geprijsd heeft en dus zorgt voor een hele dure desinvestering.
Deze website gaat dus niet zozeer over de welbekende argumenten die gebruikt worden om kernenergie af te wijzen, maar vooral over de onbekende of minder bekende argumenten. Als u pro-kernenergie bent of daarin neutraal staat, dan is het de moeite waard om in ieder geval in detail kennis te nemen van de wellicht voor u nog onbekende argumenten die op deze site pleiten tegen nieuwe kernenergie in Nederland. Al is het maar om daar tegenargumenten voor te bedenken. Als u anti-kernenergie bent, loont het ook de moeite omdat u wellicht nieuwe argumenten vindt. We gaan technisch behoorlijk diep op de materie in en verwachten van u wel wat basiskennis.
Deze website wil vooral aantonen dat inzet van kernenergie om klimaat-opwarming tegen te gaan een verkeerde én hele dure keuze is. Er zijn betere alternatieven die minder bijdragen aan klimaat-opwarming dan kernenergie. Zoals u hier kunt lezen draagt een operationele kerncentrale wel degelijk bij tot opwarming van onze aarde. Veel landen hebben al aangekondigd te gaan investeren in kernenergie en ook Nederland wil 2 a 3 GW aan vermogen investeren in nieuwe kerncentrales en mogelijk het dubbele. Politici zien kernenergie vaak als een quick-fix voor klimaatproblemen. Maar politici weten heel vaak zelf niet van de hoed en de rand en laten zich (natuurlijk) vooral adviseren door veelal professionele pro-kernenergie deskundigen. Het is nu eenmaal heel begrijpelijk dat kernenergie-deskundigen meestal pro-kernenergie zijn. Als ze dat niet waren, hadden ze waarschijnlijk een ander beroep gekozen. De nucleaire industrie is héél erg kapitaal-intensief. Grote fabrikanten van kerncentrales t.w. Framatome, KEPCO, Rosatom, CNNC zijn geheel of grotendeels eigendom van de staat. Nationale overheden zijn financieel en economisch ook altijd nauw betrokken bij de verkoop van een kerncentrale, door allerlei garanties af te geven en zelfs in financiering te voorzien. Op regeringsniveau van verkopende landen wordt vaak ook gelobbied bij regeringen van kopende landen. Er bestaat daarom internationaal een sterke lobby vanuit de nucleaire industrie waar in veel landen onvoldoende tegenkracht bestaat. Die lobby is vooral door ecomodernisten als Michael Shellenberg en miljardairs als Bill Gates, Jeff Bezos en Peter Thiel nog eens extra aangezwengeld, waarna een heleboel influencers, politici en leken aangehaakt zijn. Ecomodernisten denken dat méér technologische vooruitgang en méér economische groei ingezet moeten worden om klimaat-opwarming tegen te gaan en ecosystemen en het milieu te redden. Veel meer kernenergie zou hier wonderwel in passen volgens hen. Mensen die het ecomodernisme bekritiseren zeggen vaak: "Als het dak van zijn huis in brand staat, steekt de ecomodernist ook de woonkamer en keuken alvast in de brand omdat hij denkt dat de brand dan sneller uitgewoed is."
Wat vaak ook terugkomt in discussies is de 'onmisbaarheid' van de zgn. baseload in het electriciteitsnet. Die baseload werd in Nederland vooral verzorgd door kolencentrales en de kerncentrale Borssele, die het hele jaar continu op vol vermogen draaien. Deze centrales dekten de basisbehoefte aan electriciteit. Gascentrales draaiden in load following mode d.w.z. alleen op het moment dat de electriciteitsvraag uitsteeg boven die basisbehoefte. Maar deze verouderde architectuur van het electriciteitsnet is al sterk aan het veranderen. PV en wind krijgen productie-voorrang op het net ten koste van gascentrales en kolencentrales die op die momenten vermogen af moeten schakelen. Kerncentrale Borssele mag voorlopig nog volcontinu blijven draaien. Als de electriciteits-productie van PV en wind nog verder toenemen en de energie-opslag in batterijen, chemisch (bijv. als waterstof in Metal-Organic Frameworks MOF) of anderszins over 10 jaar goed van de grond gekomen is, is baseload helemaal niet meer nodig. Zon en wind vullen elkaar al redelijk goed aan in ons klimaat; op dagbasis én op seizoenbasis. Als de zon schijnt is er vaak weinig wind en als er wel wind is, is er meestal weinig zon. Het surplus dat dagelijks ontstaat, kan opgeslagen worden en gebruikt worden als reserve.
En dan duikt altijd nog de vraag op wat te doen bij lange periodes van geen zon en weinig wind, de welbekende 'dunkelflaute' of 'dark doldrums'? Wel, het KNMI heeft daar in 2021 onderzoek naar gedaan over de periode 1991-2020 en het blijkt dat je maximaal een energie-opslag voor 8 dagen nodig hebt. Dat is technisch goed haalbaar, bovendien kan er altijd nog electriciteit geïmporteerd worden. De Europese Unie heeft in 2014 een afspraak voor 2020 geformuleerd met betrekking tot de interconnectie-capaciteit tussen lidstaten. Afgesproken is in 2017 dat landen minimaal 10% van hun geproduceerde elektriciteit in totaal moeten kunnen transporteren naar buurlanden. In 2018 is deze doelstelling bijgesteld, waarbij wordt uitgegaan van een interconnectie-capaciteit voor elektriciteit van ten minste 15% in 2030. Dit betekent dat elk EU-land over elektriciteitsverbindingen met buurlanden moet beschikken waarmee ten minste 15% van de nationaal geproduceerde elektriciteit naar andere EU-landen kan worden getransporteerd.
In februari 2025 is gebleken dat geen enkele investeerder bereid is deel te nemen in de bouw(-kosten) van de beoogde 4 kerncentrales, in Nederland, ook niet met "verregaande overheidsteun". In een brief van minister Hermans aan de Tweede Kamer van 17 maart 2025 gaf zij te kennen dat van de drie leveranciers die gevraagd waren te offreren (EDF, Westinghouse en KHNP), KHNP besloten had zich terug te trekken. Blijven dus alleen het Amerikaanse Westinghouse en Franse EDF over. Bij het Amerikaanse Westinghouse kunnen vragen gesteld worden in hoeverre Amerikaanse technologie voor EU-landen beschikbaar blijft, gezien de EU-VS handelsoorlog die zich onder de Trump-regering manifesteert. Het Franse EDF heeft financierings-problemen om de eigen nationale kernenergie-vloot te upgraden naar EPR/EPR2, bovendien heeft de 21 december 2024 opgeleverde en aan het net gekoppelde EPR in Frankrijk (Flamanville-3) nieuwe technische problemen en wordt nu al bijna een jaar 'getest' voordat de kerncentrale naar verwachting 100% energie gaat produceren. Minister Hermans (KGG) voelde zich genoodzaakt een deelnemend staatsbedrijf (met de staat als enige aandeelhouder) op te richten, dat de bouw en ingebruikname van de kerncentrales voorbereidt, coördineert, contracteert en via de staat gaat financieren, zo schreef zij op 5 februari 2025 in een brief aan de tweede kamer. In een brief aan de Tweede kamer van 17 oktober 2025 wordt de oprichting van de NEO NL b.v. aangekondigd, die dat ter hand zal nemen. Onduidelijk nog is hoe de financiering van de bouw door het rijk dan gaat plaatsvinden, vermoedelijk via een flinke kWh-energieheffing voor de consument (RAB-model?), want de € 14,5 mrd die nu gereserveerd is in het klimaatfonds dekt hooguit 10-15% van de totale kosten. Dat zou wel een extra stimulans betekenen voor huishoudens om zonnepanelen én batterij-opslag aan te schaffen om die energie-belasting te vermijden. Op 17 oktober 2025 kwam TNO ook met een rapport over de systeemkosten van kernenergie. Dit rapport was aangevraagd door het ministerie van KGG. De belangrijkste conclusie was dat: "Bij een relatief grote industriële vraag zijn kernenergie en wind op zee inwisselbaar qua systeemkosten, en levert additioneel productiepotentieel – ongeacht de technologie – substantiële voordelen op. Bij een kleinere industriële vraag kan kernenergie juist tot hogere kosten leiden, en worden de resultaten gevoeliger voor aannames." Het rapport bevatte echter veel aannames en de meest discutabele was dat de constructie-kosten gesteld werden op € 7.100/kW. Dat zou betekenen dat één EPR met een vermogen van 1.650 MW € 11.715 miljard zou kosten. Dat lijkt volstrekt onwaarschijnlijk en de auteurs stellen dan ook dat bij een verdubbeling van de constructie-kosten K.E. in elk scenario tot hogere kosten kunnen leiden.
De locaties van de eerste 2 kerncentrales zijn nog steeds niet besloten en lopen vertraging op (vermoedelijk pas ná 2025). Nederlandse onder-aannemende constructie-bedrijven hebben geen ervaring met de bouw van kerncentrales. Dat betekent of veel leergeld betalen of afhankelijk zijn van dure buitenlandse constructie-bedrijven. Kennis van kernreactor-fysica is ook niet echt meer in ruime mate aanwezig in Nederland. De hele gang van zaken rond de bouw van de nieuwe Pallas-reactor voor medische isotopen in Petten tot nu toe, is illustratief voor een staatsonderneming(stichting) die probeert een reactor te realiseren in Nederland. Dat stemt niet erg hoopvol.
*Deze website is opgezet met de grootst mogelijke zorg en verwijst naar meer dan 300 uitsluitend wetenschappelijke en/of kwalitatief hoogstaande en betrouwbare bronnen. Er is zoveel mogelijk terminologie gebruikt die nazoekbaar is en de lezer in staat stelt zelf iets na te zoeken.